Screening op postpartum depressie door de Jeugdgezondheidszorg

Verdediging proefschrift

Op vrijdag 9 april verdedigde dr. Angarath van der Zee haar proefschrift Investing in Maternal and Infant Mental Health. Deze is terug te zien via de showcase van de Universiteit Twente. In haar proefschrift heeft Angarath de effectiviteit onderzocht van het screenen op een depressie in het jaar na de bevalling in de setting van de Jeugdgezondheidszorg (JGZ). Daarnaast heeft ze de mogelijkheden verkend om de screening ook te richten op angstklachten.

Samenvatting

Een op de 10 vrouwen krijgt te maken met een depressie na de bevalling, ook wel postpartum depressie (PPD) genoemd. Met dit promotieonderzoek is gekeken of het gebruik van de Edinburgh Postnatal Depression Scale (EPDS, een screeningslijst gericht op het signaleren van PPD) door de JGZ, helpt om de gezondheidsuitkomsten voor moeder en kind te verbeteren. Ook is de impact van PPD op zorggebruik van moeder en kind, en de arbeidsparticipatie van moeders onderzocht. Daarnaast is gekeken of de EPDS ook benut kan worden om angstklachten na de bevalling te signaleren, en is onderzocht wat de overeenkomsten en verschillen zijn tussen de risicofactoren voor depressie en angst na de bevalling. Lees verder.
Angarath van der Zee is jeugdarts en werkt sinds 2011 aan haar proefschrift bij de Universiteit Twente, afdeling Health Technology and Services Research (HTSR). Ze combineerde het promotietraject met haar werk als jeugdarts bij GGD Twente. Haar onderzoeksproject is onderdeel van de Academische Werkplaats Jeugd in Twente (awjtwente.nl), gericht op het verbeteren van zorg voor kwetsbare kinderen. Lees meer.
Prof. dr. Menno Reijneveld is hoogleraar Sociale Geneeskunde en hoofd van de Afdeling Gezondheidswetenschappen van het UMC Groningen. Hij is wetenschappelijk adviseur van TNO Child Health. Menno onderzoekt met het Take care cohort al langer het gebruik van zorg voor jeugd, opgezet vanuit de collega-werkplaats C4Youth. Ook is hij een van de trekkers van het consortium multiprobleem gezinnen.

Promotoren

Dr. Magda Boere – Boonekamp, arts maatschappij en gezondheid en epidemioloog, promoveerde in 1996 op het proefschrift ‘Screening for developmental dysplasia of the hip’. Daarna was ze werkzaam als universitair (hoofd)docent bij de vakgroep Health Technologies and Services Research van de Universiteit Twente. Ze heeft zich in haar onderzoek gericht op diverse onderwerpen rond jeugd waaronder dysplastische heupontwikkeling, helmtherapie, kindersterfte, secundaire preventie van kindermishandeling en zorg rondom zwangerschap en geboorte. Sinds december 2019 is Magda met pensioen, maar ze is nog steeds actief, o.a. als hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Jeugdgezondheidszorg.